| Onderzochte bedrijven | Aandeel |
|---|---|
| Banken | 78% |
| Vergelijkingsgroep CBS | 84% |
| Hout-, papier-, grafische industr. | 78% |
| Gespecialiseerde bouw | 74% |
| Verhuur en handel van onroerend goed | 96% |
CBS-onderzoek ICT-gebruik bij bedrijven, verslagjaar 2025, onder bedrijven met 10 of meer werkzame personen. De uitkomsten voor 2025 zijn voorlopig. Bedrijfstak 900016, indicator SocialeMediaGebruikt_24.
Welke functies sluiten aan op sociale media als publicatiekanaal?
Binnen Banken is ‘Sociale media gebruikt’ gemeten op 78 procent. Daar liggen twee andere toepassingen bij in de buurt: publiceren op sociale netwerken op 78 procent en productbeschrijvingen en prijslijsten op 71 procent. Aan de andere kant van de vergelijking staat een product online aanpassen op 9 procent. Tussen dat laatste percentage en 78 procent zitten 69 procentpunt. Voor sociale media als publicatiekanaal volgt daar een inhoudelijke keuze uit. Welke van die toepassingen raakt daadwerkelijk de ervaring van een bezoeker die via een bericht voor het eerst van een formule hoort?
De plaats van Banken tussen andere bedrijven
De vergelijking van Banken voor ‘Sociale media gebruikt’ bestrijkt 51 branchecategorieën met een gepubliceerde uitkomst. Bij Horeca staat 86 procent en bij Hout-, papier-, grafische industr. 78 procent. De eerstvolgende hogere meetwaarde is 79 procent bij Kunststof- en bouwmateriaalindustr. Direct onder 78 procent staat 77 procent bij Overige zakelijke dienstverlening. Een afgerond gelijk percentage komt voor bij Hout-, papier-, grafische industr., Overige zakelijke dienstverlening, Verhuur en overige zakelijke diensten. Bedrijfstakken kunnen elkaar gedeeltelijk omvatten; dit is een overzicht van gerapporteerde categorieën, geen optelsom van verschillende bedrijven.
Afstanden tot het bedrijfstaktotaal
Kijk nu naar de positie van Banken tegenover het bedrijfstaktotaal. Voor beeld en video delen bedraagt het verschil -19 procentpunt (28 procent tegenover 47 procent). Bij een bruikbare eigen website staan juist 93 procent en 92 procent dicht bij elkaar. Voor sociale media als publicatiekanaal is het verschil -6 procentpunt. Als een opdrachtgever uit Banken al werkt met publiceren op sociale netwerken, vraag dan bij de intake hoe ‘Sociale media gebruikt’ daar in de praktijk op zou aansluiten.
Een concrete studioproef voor Banken
Een mogelijke proefopdracht voor Banken begint met een fictief overzicht van betaalbewegingen. De hoofdpersoon in de briefing is een zakelijke gebruiker die betalingen uit elkaar wil houden. Voor sociale media als publicatiekanaal krijgt de maker een tweeluik: eerst de omschrijving naast een gesimuleerde transactie, daarna de plek waar het bijbehorende bewijs kan worden gevonden. Dat is een fictieve productiesituatie, uitgewerkt om een bezoeker die via een bericht voor het eerst van een formule hoort concreet te maken. Kan een proeflezer aan het tweede beeld aanwijzen wat in het eerste beeld nog onduidelijk was?
Leg de uitkomst naast de eigenlijke taak: maak een briefing waarin het bericht één concrete vraag beantwoordt. Als de tester bij een fictief overzicht van betaalbewegingen blijft hangen door een bericht dat om contact vraagt voordat het aanbod begrijpelijk is, is dat een aanwijzing voor een aanpassing van de productie. Het aandeel van 78 procent voor sociale media gebruikt in Banken blijft daarbij een afzonderlijke branchemeting. Laat een zakelijke gebruiker die betalingen uit elkaar wil houden in de testvariant eerst de omschrijving naast een gesimuleerde transactie aanwijzen voordat je besluit meer materiaal te maken over publiceren op sociale netwerken.




