| Onderzochte bedrijven | Aandeel |
|---|---|
| Informatie en communicatie | 92% |
| Vergelijkingsgroep CBS | 82% |
| Architecten-, ingenieursbureaus e.d. | 92% |
| Vervoer en opslag | 72% |
| Verhuur en handel van onroerend goed | 96% |
CBS-onderzoek ICT-gebruik bij bedrijven, verslagjaar 2025, onder bedrijven met 10 of meer werkzame personen. De uitkomsten voor 2025 zijn voorlopig. Bedrijfstak 391600, indicator SocialeNetwerkenBijvFacebook_25.
Welke functies sluiten aan op publiceren op sociale netwerken?
Binnen Informatie en communicatie is ‘Sociale netwerken (bijv. Facebook)’ gemeten op 92 procent. Daar liggen twee andere toepassingen bij in de buurt: sociale media als publicatiekanaal op 93 procent en een bruikbare eigen website op 96 procent. Aan de andere kant van de vergelijking staat een product online aanpassen op 7 procent. Tussen dat laatste percentage en 92 procent zitten 85 procentpunt. Voor publiceren op sociale netwerken volgt daar een inhoudelijke keuze uit. Welke van die toepassingen raakt daadwerkelijk de ervaring van een lezer die slechts het losse bericht in de feed ziet?
De plaats van Informatie en communicatie tussen andere bedrijven
De vergelijking van Informatie en communicatie voor ‘Sociale netwerken (bijv. Facebook)’ bestrijkt 51 branchecategorieën met een gepubliceerde uitkomst. Bij Transportmiddelenindustrie staat 84 procent en bij Architecten-, ingenieursbureaus e.d. 92 procent. De eerstvolgende hogere meetwaarde is 93 procent bij Uitgeverijen, film,radio en t.v.. Direct onder 92 procent staat 91 procent bij Verhuur van roerende goederen. Een afgerond gelijk percentage komt voor bij Architecten-, ingenieursbureaus e.d., Financiële advisering, ICT-sector. Bedrijfstakken kunnen elkaar gedeeltelijk omvatten; dit is een overzicht van gerapporteerde categorieën, geen optelsom van verschillende bedrijven.
Afstanden tot het bedrijfstaktotaal
Kijk nu naar de positie van Informatie en communicatie tegenover het bedrijfstaktotaal. Voor ondersteuning bij tekstproductie bedraagt het verschil +35 procentpunt (51 procent tegenover 16 procent). Bij een bestelling kunnen volgen staan juist 10 procent en 10 procent dicht bij elkaar. Voor publiceren op sociale netwerken is het verschil +10 procentpunt. Als een opdrachtgever uit Informatie en communicatie al werkt met sociale media als publicatiekanaal, vraag dan bij de intake hoe ‘Sociale netwerken (bijv. Facebook)’ daar in de praktijk op zou aansluiten.
Een concrete studioproef voor Informatie en communicatie
Een mogelijke proefopdracht voor Informatie en communicatie begint met een update van een zakelijke informatiedienst. De hoofdpersoon in de briefing is een gebruiker die wil weten waar een bekende instelling is gebleven. Voor publiceren op sociale netwerken krijgt de maker een tweeluik: eerst de oude en de nieuwe plaats van de instelling, daarna een afsluitende schermopname met de nieuwe keuze. Dat is een fictieve productiesituatie, uitgewerkt om een lezer die slechts het losse bericht in de feed ziet concreet te maken. Kan een proeflezer aan het tweede beeld aanwijzen wat in het eerste beeld nog onduidelijk was?
Leg de uitkomst naast de eigenlijke taak: controleer of beeld, bijschrift en afzender samen het onderwerp uitleggen. Als de tester bij een update van een zakelijke informatiedienst blijft hangen door een campagnezin die alleen op de profielpagina betekenis krijgt, is dat een aanwijzing voor een aanpassing van de productie. Het aandeel van 92 procent voor sociale netwerken (bijv. facebook) in Informatie en communicatie blijft daarbij een afzonderlijke branchemeting. Laat een gebruiker die wil weten waar een bekende instelling is gebleven in de testvariant eerst de oude en de nieuwe plaats van de instelling aanwijzen voordat je besluit meer materiaal te maken over sociale media als publicatiekanaal.



