| Onderzochte bedrijven | Aandeel |
|---|---|
| Elektrotechn. en machine-industrie | 86% |
| Vergelijkingsgroep CBS | 82% |
| Juridisch en managementadvies | 86% |
| Vervoer en opslag | 72% |
| Verhuur en handel van onroerend goed | 96% |
CBS-onderzoek ICT-gebruik bij bedrijven, verslagjaar 2025, onder bedrijven met 10 of meer werkzame personen. De uitkomsten voor 2025 zijn voorlopig. Bedrijfstak 332905, indicator SocialeNetwerkenBijvFacebook_25.
Welke functies sluiten aan op publiceren op sociale netwerken?
Binnen Elektrotechn. en machine-industrie is ‘Sociale netwerken (bijv. Facebook)’ gemeten op 86 procent. Daar liggen twee andere toepassingen bij in de buurt: sociale media als publicatiekanaal op 87 procent en productbeschrijvingen en prijslijsten op 82 procent. Aan de andere kant van de vergelijking staat een website met platformfunctie op 4 procent. Tussen dat laatste percentage en 86 procent zitten 82 procentpunt. Voor publiceren op sociale netwerken volgt daar een inhoudelijke keuze uit. Welke van die toepassingen raakt daadwerkelijk de ervaring van een lezer die slechts het losse bericht in de feed ziet?
De plaats van Elektrotechn. en machine-industrie tussen andere bedrijven
De vergelijking van Elektrotechn. en machine-industrie voor ‘Sociale netwerken (bijv. Facebook)’ bestrijkt 51 branchecategorieën met een gepubliceerde uitkomst. Bij Transportmiddelenindustrie staat 84 procent en bij Juridisch en managementadvies 86 procent. De eerstvolgende hogere meetwaarde is 87 procent bij Verzorging en welzijn. Direct onder 86 procent staat 85 procent bij Voedings-, genotmiddelenindustrie. Een afgerond gelijk percentage komt voor bij Juridisch en managementadvies, Telecommunicatie. Bedrijfstakken kunnen elkaar gedeeltelijk omvatten; dit is een overzicht van gerapporteerde categorieën, geen optelsom van verschillende bedrijven.
Afstanden tot het bedrijfstaktotaal
Kijk nu naar de positie van Elektrotechn. en machine-industrie tegenover het bedrijfstaktotaal. Voor een meertalige website bedraagt het verschil +31 procentpunt (67 procent tegenover 36 procent). Bij spraakherkenning bij interviews staan juist 12 procent en 12 procent dicht bij elkaar. Voor publiceren op sociale netwerken is het verschil +4 procentpunt. Als een opdrachtgever uit Elektrotechn. en machine-industrie al werkt met sociale media als publicatiekanaal, vraag dan bij de intake hoe ‘Sociale netwerken (bijv. Facebook)’ daar in de praktijk op zou aansluiten.
Een concrete studioproef voor Elektrotechn. en machine-industrie
Een mogelijke proefopdracht voor Elektrotechn. en machine-industrie begint met een demonstratie van twee passende stekkertypen. De hoofdpersoon in de briefing is een werkvoorbereider die verkeerd bestellen wil voorkomen. Voor publiceren op sociale netwerken krijgt de maker een tweeluik: eerst het onderscheid aan de behuizing in dezelfde schaal, daarna de aanduiding op de verpakking van elk type. Dat is een fictieve productiesituatie, uitgewerkt om een lezer die slechts het losse bericht in de feed ziet concreet te maken. Kan een proeflezer aan het tweede beeld aanwijzen wat in het eerste beeld nog onduidelijk was?
Leg de uitkomst naast de eigenlijke taak: controleer of beeld, bijschrift en afzender samen het onderwerp uitleggen. Als de tester bij een demonstratie van twee passende stekkertypen blijft hangen door een campagnezin die alleen op de profielpagina betekenis krijgt, is dat een aanwijzing voor een aanpassing van de productie. Het aandeel van 86 procent voor sociale netwerken (bijv. facebook) in Elektrotechn. en machine-industrie blijft daarbij een afzonderlijke branchemeting. Laat een werkvoorbereider die verkeerd bestellen wil voorkomen in de testvariant eerst het onderscheid aan de behuizing in dezelfde schaal aanwijzen voordat je besluit meer materiaal te maken over sociale media als publicatiekanaal.


