| Onderzochte bedrijven | Aandeel |
|---|---|
| Bouwnijverheid | 8% |
| Vergelijkingsgroep CBS | 16% |
| Gezondheids- en welzijnszorg | 8% |
| Eet- en drinkgelegenheden | 3% |
| IT- en informatiedienstverlening | 53% |
CBS-onderzoek ICT-gebruik bij bedrijven, verslagjaar 2025, onder bedrijven met 10 of meer werkzame personen. De uitkomsten voor 2025 zijn voorlopig. Bedrijfstak 350000, indicator NaturalLanguageGeneration_56.
Welke functies sluiten aan op ondersteuning bij tekstproductie?
Binnen Bouwnijverheid is ‘Natural language generation’ gemeten op 8 procent. Daar liggen twee andere toepassingen bij in de buurt: beeld of geluid genereren op 8 procent en informatie voor terugkerende bezoekers op 9 procent. Aan de andere kant van de vergelijking staat een bruikbare eigen website op 92 procent. Tussen dat laatste percentage en 8 procent zitten 84 procentpunt. Voor ondersteuning bij tekstproductie volgt daar een inhoudelijke keuze uit. Welke van die toepassingen raakt daadwerkelijk de ervaring van een redacteur die een eerste versie aan de hand van een echte bron controleert?
De plaats van Bouwnijverheid tussen andere bedrijven
De vergelijking van Bouwnijverheid voor ‘Natural language generation’ bestrijkt 49 branchecategorieën met een gepubliceerde uitkomst. Bij Kunststof- en bouwmateriaalindustr staat 16 procent en bij Gezondheids- en welzijnszorg 8 procent. De eerstvolgende hogere meetwaarde is 9 procent bij Detailhandel (niet in auto's). Direct onder 8 procent staat 7 procent bij B&U en wegenbouw. Een afgerond gelijk percentage komt voor bij Gezondheids- en welzijnszorg, Gezondheidszorg, Vervoer en opslag. Bedrijfstakken kunnen elkaar gedeeltelijk omvatten; dit is een overzicht van gerapporteerde categorieën, geen optelsom van verschillende bedrijven.
Afstanden tot het bedrijfstaktotaal
Kijk nu naar de positie van Bouwnijverheid tegenover het bedrijfstaktotaal. Voor een meertalige website bedraagt het verschil -24 procentpunt (12 procent tegenover 36 procent). Bij een bruikbare eigen website staan juist 92 procent en 92 procent dicht bij elkaar. Voor ondersteuning bij tekstproductie is het verschil -8 procentpunt. Als een opdrachtgever uit Bouwnijverheid al werkt met beeld of geluid genereren, vraag dan bij de intake hoe ‘Natural language generation’ daar in de praktijk op zou aansluiten.
Een concrete studioproef voor Bouwnijverheid
Een mogelijke proefopdracht voor Bouwnijverheid begint met de aansluiting van een nieuw kozijn. De hoofdpersoon in de briefing is een bewoner die wil weten wat tijdens de montage open blijft. Voor ondersteuning bij tekstproductie krijgt de maker een tweeluik: eerst een doorsnede waarop oud en nieuw herkenbaar zijn, daarna het afgewerkte kozijn vanaf dezelfde plek. Dat is een fictieve productiesituatie, uitgewerkt om een redacteur die een eerste versie aan de hand van een echte bron controleert concreet te maken. Kan een proeflezer aan het tweede beeld aanwijzen wat in het eerste beeld nog onduidelijk was?
Leg de uitkomst naast de eigenlijke taak: maak de onderliggende bron voor iedere specifieke bewering terugvindbaar. Als de tester bij de aansluiting van een nieuw kozijn blijft hangen door een goedlopende formulering waarvoor geen onderbouwing bestaat, is dat een aanwijzing voor een aanpassing van de productie. Het aandeel van 8 procent voor natural language generation in Bouwnijverheid blijft daarbij een afzonderlijke branchemeting. Laat een bewoner die wil weten wat tijdens de montage open blijft in de testvariant eerst een doorsnede waarop oud en nieuw herkenbaar zijn aanwijzen voordat je besluit meer materiaal te maken over beeld of geluid genereren.



