| Onderzochte bedrijven | Aandeel |
|---|---|
| Detailhandel (niet in auto's) | 29% |
| Vergelijkingsgroep CBS | 13% |
| ICT-sector | 28% |
| Basismetaal, metaalprod.-industrie | 2% |
| Verzekeringen | 37% |
CBS-onderzoek ICT-gebruik bij bedrijven, verslagjaar 2025, onder bedrijven met 10 of meer werkzame personen. De uitkomsten voor 2025 zijn voorlopig. Bedrijfstak 371600, indicator VirtueleKlantenservice_19.
Welke functies sluiten aan op een digitale klantenservice?
Binnen Detailhandel (niet in auto's) is ‘(Virtuele) klantenservice’ gemeten op 29 procent. Daar liggen twee andere toepassingen bij in de buurt: een meertalige website op 27 procent en een app voor klanten op 26 procent. Aan de andere kant van de vergelijking staat een bruikbare eigen website op 86 procent. Tussen dat laatste percentage en 29 procent zitten 57 procentpunt. Voor een digitale klantenservice volgt daar een inhoudelijke keuze uit. Welke van die toepassingen raakt daadwerkelijk de ervaring van een bezoeker die een lastige vraag in eigen woorden stelt?
De plaats van Detailhandel (niet in auto's) tussen andere bedrijven
De vergelijking van Detailhandel (niet in auto's) voor ‘(Virtuele) klantenservice’ bestrijkt 49 branchecategorieën met een gepubliceerde uitkomst. Bij Raffinaderijen en chemie staat 12 procent en bij ICT-sector 28 procent. De eerstvolgende hogere meetwaarde is 30 procent bij Financiële dienstverlening. Direct onder 29 procent staat 28 procent bij IT- en informatiedienstverlening. Voor Detailhandel (niet in auto's) blijkt 29 procent binnen deze vergelijking een afzonderlijke meetwaarde. Bedrijfstakken kunnen elkaar gedeeltelijk omvatten; dit is een overzicht van gerapporteerde categorieën, geen optelsom van verschillende bedrijven.
Afstanden tot het bedrijfstaktotaal
Kijk nu naar de positie van Detailhandel (niet in auto's) tegenover het bedrijfstaktotaal. Voor online reserveren of bestellen bedraagt het verschil +33 procentpunt (66 procent tegenover 33 procent). Bij webgegevens voor redactie gebruiken staan juist 16 procent en 16 procent dicht bij elkaar. Voor een digitale klantenservice is het verschil +16 procentpunt. Als een opdrachtgever uit Detailhandel (niet in auto's) al werkt met een meertalige website, vraag dan bij de intake hoe ‘(Virtuele) klantenservice’ daar in de praktijk op zou aansluiten.
Een concrete studioproef voor Detailhandel (niet in auto's)
Een mogelijke proefopdracht voor Detailhandel (niet in auto's) begint met een prijskaart bij twee varianten in het schap. De hoofdpersoon in de briefing is een winkelbezoeker die de inhoud per verpakking zoekt. Voor een digitale klantenservice krijgt de maker een tweeluik: eerst het verschil tussen verpakkingseenheid en getoonde prijs, daarna de plaats van dezelfde variant bij de kassa. Dat is een fictieve productiesituatie, uitgewerkt om een bezoeker die een lastige vraag in eigen woorden stelt concreet te maken. Kan een proeflezer aan het tweede beeld aanwijzen wat in het eerste beeld nog onduidelijk was?
Leg de uitkomst naast de eigenlijke taak: test een onbekende vraag en wijs een bereikbaar menselijk vervolg aan. Als de tester bij een prijskaart bij twee varianten in het schap blijft hangen door een automatisch antwoord dat alleen het onderwerp van de vraag herhaalt, is dat een aanwijzing voor een aanpassing van de productie. Het aandeel van 29 procent voor (virtuele) klantenservice in Detailhandel (niet in auto's) blijft daarbij een afzonderlijke branchemeting. Laat een winkelbezoeker die de inhoud per verpakking zoekt in de testvariant eerst het verschil tussen verpakkingseenheid en getoonde prijs aanwijzen voordat je besluit meer materiaal te maken over een meertalige website.



