| Onderzochte bedrijven | Aandeel |
|---|---|
| Bouwnijverheid | 4% |
| Vergelijkingsgroep CBS | 14% |
| B&U en wegenbouw | 4% |
| Basismetaal, metaalprod.-industrie | 2% |
| Financiële dienstverlening | 30% |
CBS-onderzoek ICT-gebruik bij bedrijven, verslagjaar 2025, onder bedrijven met 10 of meer werkzame personen. De uitkomsten voor 2025 zijn voorlopig. Bedrijfstak 350000, indicator MobieleAppVoorKlanten_22.
Welke functies sluiten aan op een app voor klanten?
Binnen Bouwnijverheid is ‘Mobiele app voor klanten’ gemeten op 4 procent. Daar liggen twee andere toepassingen bij in de buurt: een zakelijk blog bijhouden op 4 procent en een digitale klantenservice op 5 procent. Aan de andere kant van de vergelijking staat een bruikbare eigen website op 92 procent. Tussen dat laatste percentage en 4 procent zitten 88 procentpunt. Voor een app voor klanten volgt daar een inhoudelijke keuze uit. Welke van die toepassingen raakt daadwerkelijk de ervaring van een klant die twijfelt of installatie nodig is om iets te regelen?
De plaats van Bouwnijverheid tussen andere bedrijven
De vergelijking van Bouwnijverheid voor ‘Mobiele app voor klanten’ bestrijkt 50 branchecategorieën met een gepubliceerde uitkomst. Bij Groothandel en handelsbemiddeling staat 13 procent en bij B&U en wegenbouw 4 procent. De eerstvolgende hogere meetwaarde is 5 procent bij Architecten-, ingenieursbureaus e.d.. Direct onder 4 procent staat 2 procent bij Basismetaal, metaalprod.-industrie. Een afgerond gelijk percentage komt voor bij B&U en wegenbouw, Hout-, papier-, grafische industr., Overige industrie en reparatie. Bedrijfstakken kunnen elkaar gedeeltelijk omvatten; dit is een overzicht van gerapporteerde categorieën, geen optelsom van verschillende bedrijven.
Afstanden tot het bedrijfstaktotaal
Kijk nu naar de positie van Bouwnijverheid tegenover het bedrijfstaktotaal. Voor een meertalige website bedraagt het verschil -24 procentpunt (12 procent tegenover 36 procent). Bij een bruikbare eigen website staan juist 92 procent en 92 procent dicht bij elkaar. Voor een app voor klanten is het verschil -10 procentpunt. Als een opdrachtgever uit Bouwnijverheid al werkt met een zakelijk blog bijhouden, vraag dan bij de intake hoe ‘Mobiele app voor klanten’ daar in de praktijk op zou aansluiten.
Een concrete studioproef voor Bouwnijverheid
Een mogelijke proefopdracht voor Bouwnijverheid begint met de aansluiting van een nieuw kozijn. De hoofdpersoon in de briefing is een bewoner die wil weten wat tijdens de montage open blijft. Voor een app voor klanten krijgt de maker een tweeluik: eerst een doorsnede waarop oud en nieuw herkenbaar zijn, daarna het afgewerkte kozijn vanaf dezelfde plek. Dat is een fictieve productiesituatie, uitgewerkt om een klant die twijfelt of installatie nodig is om iets te regelen concreet te maken. Kan een proeflezer aan het tweede beeld aanwijzen wat in het eerste beeld nog onduidelijk was?
Leg de uitkomst naast de eigenlijke taak: maak een korte uitleg van wat via de website en wat via de app kan. Als de tester bij de aansluiting van een nieuw kozijn blijft hangen door een productpagina die zonder toelichting naar een appwinkel springt, is dat een aanwijzing voor een aanpassing van de productie. Het aandeel van 4 procent voor mobiele app voor klanten in Bouwnijverheid blijft daarbij een afzonderlijke branchemeting. Laat een bewoner die wil weten wat tijdens de montage open blijft in de testvariant eerst een doorsnede waarop oud en nieuw herkenbaar zijn aanwijzen voordat je besluit meer materiaal te maken over een zakelijk blog bijhouden.


